
Op het eerste gezicht lijk je oog in oog te staan met de archeologische overblijfselen van een dier. De wervels, ribben en ledematen zijn anatomisch zo overtuigend dat je brein ze direct als een echt skelet registreert. Pas bij een tweede, grondige blik onthult de Italiaanse kunstenaar Giovanni Longo zijn werkelijke materiaal: geen bot, maar door de elementen getekend hout.
Drijfhout als anatomische puzzel
Wat het werk van Longo (vaak onderdeel van zijn serie Fragile Skeletons) zo bijzonder maakt, is zijn materiaalkeuze. Hij zaagt deze botten niet zomaar uit een vers blok hout, maar werkt voornamelijk met verweerd drijfhout dat hij verzamelt bij riviermondingen en op stranden.
Longo gebruikt de natuurlijke, door water en zand uitgesleten vormen van het hout als basis voor zijn anatomische puzzels. Dit vereist een enorm ruimtelijk inzicht; hij moet in een willekeurige, verweerde tak direct de perfecte ronding van een rib of de hoek van een poot kunnen zien.
Het contrast tussen detail en verval
In zijn sculpturen speelt de kunstenaar bewust met de grens tussen hyperrealisme en natuurlijk verval. Bepaalde delen van het dier, zoals de wervelkolom en de poten, bouwt hij uiterst precies en gedetailleerd op, waardoor de illusie van een echt skelet wordt versterkt.
Daartegenover plaatst hij grove, ruwe stukken hout voor andere lichaamsdelen. Zo kiest hij voor de schedels vaak grote, geërodeerde en rafelige blokken hout. Hierdoor lijken de koppen niet meer helemaal intact, alsof het dier al jaren aan de elementen is blootgesteld.
De kwetsbaarheid van het leven
Juist door die combinatie van minutieuze details en verweerde materialen, zijn deze houten dieren akelig echt. Ze roepen niet alleen verwondering op over het vakmanschap, maar vertellen ook een poëtisch verhaal over vergankelijkheid en de kwetsbaarheid van de natuur. Het hout, ooit een levende boom en daarna afgedankt door de zee, krijgt door Longo letterlijk een tweede leven in de vorm van een nieuw organisme.








Foto’s: Giovanni Longo
